Welke bestelauto's zijn (vrijwel) uitsluitend geschikt voor goederenvervoer?

Wat betekent deze uitzondering? Voor sommige bestelauto's geldt een uitzondering op de normale bijtellingsregels. Het verschil met de bekende tegenbewijsregeling is belangrijk.

Bij een tegenbewijsregeling moet je vaak kunnen aantonen hoeveel privékilometers zijn gereden. Bij een uitzondering op de bijtelling valt de bestelauto juist buiten het normale autokostenforfait.

Wordt een dergelijke bestelauto toch privé gebruikt, dan wordt niet gewerkt met een vast bijtellingspercentage. In plaats daarvan kan het privégebruik worden belast op basis van de werkelijke kilometerkosten.

Welke bestelauto's komen hiervoor in aanmerking?

De wet noemt geen exacte lijst met voertuigen die onder deze uitzondering vallen. Uit toelichtingen en rechtspraak blijkt echter dat vooral bestelauto's die vrijwel uitsluitend zijn ingericht voor goederenvervoer in aanmerking kunnen komen.

Hierbij wordt vaak gedacht aan:

  • Bestelauto's met uitsluitend een bestuurdersstoel;
  • Bestelauto's zonder bijrijdersstoel;
  • Voertuigen die speciaal zijn ingericht voor een specifiek beroep of bedrijfsactiviteit;
  • Bestelauto's waarbij de laadruimte duidelijk de hoofdfunctie van het voertuig vormt.

Verwijderen van zitplaatsen

Ook een bestelauto die oorspronkelijk meerdere zitplaatsen had, kan soms onder deze uitzondering vallen.

Daarvoor is het niet voldoende om alleen een stoel tijdelijk te verwijderen. De bevestigingspunten moeten eveneens duurzaam onbruikbaar zijn gemaakt. In de praktijk gebeurt dit bijvoorbeeld door bevestigingspunten af te lassen of op een andere permanente manier te blokkeren.

Hierdoor wordt duidelijk dat het voertuig niet langer bedoeld is voor personenvervoer.

Wat zegt de rechtspraak?

Uit uitspraken van de rechter blijkt dat niet alleen bestelauto's met één stoel onder deze regeling kunnen vallen.

Zo heeft de Hoge Raad geoordeeld dat een grote bestelauto van een bloemist, voorzien van een specifieke bedrijfsinrichting en een bijrijdersstoel, toch als vrijwel uitsluitend geschikt voor goederenvervoer kon worden aangemerkt.

Daaruit blijkt dat niet alleen het aantal zitplaatsen bepalend is, maar ook de totale inrichting en het daadwerkelijke gebruik van het voertuig.

Wanneer accepteert de Belastingdienst de uitzondering?

Volgens intern beleid van de Belastingdienst wordt de uitzondering in ieder geval vaak geaccepteerd wanneer een bestelauto:

  • Minimaal 2,60 meter hoog en 6,50 meter lang is; of
  • Voor 90% of meer uit laadruimte bestaat.

Dit zijn geen wettelijke eisen, maar praktische richtlijnen die de Belastingdienst hanteert bij de beoordeling.

Hoe zit het met een dubbele cabine?

Een bestelauto met een dubbele cabine valt volgens de rechtspraak niet onder deze uitzondering.

De reden hiervoor is dat een voertuig met een dubbele cabine niet uitsluitend geschikt is voor goederenvervoer, maar ook duidelijk geschikt is voor personenvervoer.

Daardoor blijven voor deze voertuigen de normale regels voor de bijtelling gelden.

Voorkom discussies achteraf

Stem twijfelgevallen vooraf af
Twijfel je of jouw bestelauto onder deze uitzondering valt? Dan kan het verstandig zijn om hierover vooraf contact op te nemen met de Belastingdienst.

Hiermee voorkom je mogelijke discussies, naheffingen of correcties achteraf.

Samenvatting

Sommige bestelauto's kunnen buiten de normale bijtelling vallen wanneer zij vrijwel uitsluitend geschikt zijn voor goederenvervoer. Hierbij wordt gekeken naar de inrichting, het aantal zitplaatsen, de laadruimte en de praktische inzet van het voertuig. Een bestelauto met een dubbele cabine komt doorgaans niet voor deze uitzondering in aanmerking.

Disclaimer

De informatie op deze pagina is met zorg samengesteld. Wet- en regelgeving rondom bestelauto's en bijtelling kan wijzigen. Neem voor advies over jouw persoonlijke situatie altijd contact op met een boekhouder, accountant of fiscaal adviseur.

Laatst bijgewerkt: 2026