Bijtelling voor medewerkers van een autobedrijf

Een bijzondere regeling voor autobedrijven: medewerkers van autobedrijven rijden vaak in verschillende voertuigen, zoals demoauto's, voorraadauto's of vervangende auto's.

Omdat hierdoor regelmatig van auto wordt gewisseld, zou het toepassen van de normale bijtellingsregels veel administratief werk opleveren.

Om deze administratieve lasten te beperken, hebben de BOVAG en de Belastingdienst afspraken gemaakt over de manier waarop de bijtelling binnen autobedrijven kan worden berekend en gecontroleerd.

Hoe wordt de bijtelling berekend?

Binnen deze regeling wordt de bijtelling per dag vastgesteld.

Daarbij gelden de volgende uitgangspunten:

  • Neemt een werknemer aan het einde van de werkdag een auto mee naar huis, dan geldt voor die dag de cataloguswaarde van die auto.
  • Werkt een werknemer niet vanwege bijvoorbeeld ziekte, verlof of een weekend, dan geldt de cataloguswaarde van de laatst meegenomen auto die nog niet is teruggebracht.
  • Neemt een werknemer geen auto mee naar huis, dan geldt de cataloguswaarde van de auto waarvoor in de afgelopen twee maanden het vaakst een bijtelling is toegepast.

Op deze manier kan de bijtelling ook worden vastgesteld wanneer medewerkers regelmatig van voertuig wisselen.

Welke controles moet een werkgever uitvoeren?

Volgens de richtlijnen van de Belastingdienst moet een werkgever actief toezicht houden op de administratie rondom de bijtelling.

Controle van afwezige voertuigen

Minimaal één keer per loontijdvak moet worden gecontroleerd welke auto's buiten werktijd afwezig zijn.

Voor iedere afwezige auto moet een verklaring aanwezig zijn.

Controle van kilometerstanden

De werkgever moet de kilometerstanden vergelijken met de rittenregistratie.

Bij het begin en einde van iedere gebruiksperiode worden de kilometerstanden gecontroleerd.

Wanneer een voertuig wordt gebruikt voor een proefrit, kan de administratie worden gecontroleerd aan de hand van de proefritregistratie.

Controle van rittenregistraties

Van iedere werknemer moet verspreid over het jaar meerdere keren een controle plaatsvinden.

Daarbij kunnen bijvoorbeeld de volgende documenten worden vergeleken:

  • Agenda's
  • Werkroosters
  • Proefritformulieren
  • Kilometerregistraties

Controle van externe informatie

Ontvangt de werkgever informatie zoals verkeersboetes of schademeldingen, dan moet deze informatie worden vergeleken met de aanwezige administratie.

Werken met een vaste auto

Binnen de autobranche kan de bijtelling ook worden gebaseerd op een vaste auto.

Dit is mogelijk wanneer een werknemer niet regelmatig van voertuig wisselt.

Werkgever en werknemer moeten deze afspraak schriftelijk vastleggen.

De bijtelling wordt vervolgens berekend op basis van de cataloguswaarde van deze vaste auto.

Wat gebeurt er bij tijdelijk vervangend vervoer?

Soms kan een werknemer de vaste auto tijdelijk niet gebruiken.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Onderhoud
  • Reparatie
  • Een proefrit door een klant

In bepaalde situaties mag de bijtelling toch gebaseerd blijven op de vaste auto.

Voorwaarden voor gebruik van een vervangende auto

Dit is alleen toegestaan wanneer aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan:

  • De vaste auto kan om zakelijke redenen niet worden gebruikt.
  • De vervangende auto wordt maximaal 15 dagen per kalenderjaar gebruikt.
  • De vervangende auto wordt maximaal 5 aaneengesloten dagen gebruikt.
  • De gegevens van de vervangende auto worden vastgelegd in de loonadministratie.

Wanneer niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, moet de bijtelling worden berekend op basis van de cataloguswaarde van de vervangende auto.

Samenvatting

Voor medewerkers van autobedrijven gelden bijzondere regels voor de bijtelling. Omdat regelmatig van voertuig wordt gewisseld, zijn er afspraken gemaakt over de manier waarop de bijtelling wordt berekend en gecontroleerd. Daarnaast kan onder voorwaarden worden gewerkt met een vaste auto of een tijdelijke vervangende auto.

Disclaimer

De informatie op deze pagina is met zorg samengesteld. Wet- en regelgeving rondom bijtelling en loonheffingen kan wijzigen. Neem voor advies over jouw persoonlijke situatie altijd contact op met een boekhouder, accountant of fiscaal adviseur.

Laatst bijgewerkt: 2026